de kunst van het liegen

‘Hoe kun je weten wanneer een politicus liegt?’ Antwoord: ‘Kijk of hij zijn lippen beweegt…’ Uitgeroepen tot grootste leugenaar van deze eeuw is ongetwijfeld de huidige Amerikaanse president Donald Trump, hoewel zijn Russische evenbeeld Vladimir Poetin voor hem niet echt onderdoet. En zo kunnen we het rijtje aardig aanvullen. Want Rutte en compagnie kunnen ook aardig sjoemelen met de waarheid.

Het opzettelijk de ander om de tuin leiden, het verzwijgen of onwaarheden vertellen is van alle tijden en komt in alle culturen, rangen en standen voor. Sommigen kunnen liegen alsof het gedrukt staat. Goede leugenaars zijn individualistisch, hebben een sterke drang tot competitie en zijn overtuigd van de superioriteit van hun eigen opvattingen. Slechte leugenaars laten zich te veel leiden door bedriegerswroeging of de vrees om betrapt te worden. De gedachte dat anderen hen kunnen doorzien, doet ze al vaak overstag gaan en hun leugen opbiechten.

Maar ook de meer ervaren bedriegers komen er niet altijd zo gemakkelijk van af. Sigmund Freud (1856-1939) beweerde eens dat geen sterveling een geheim weet te bewaren, want men babbelt met de vingers ook al verkeren de lippen in rust. Wat woorden niet hoeven te zeggen, zegt ons lichaam. We gaan zweten, blozen, zenuwachtig met iets friemelen, stotteren of met stemverheffing praten. Volgens Freud zijn we meesters in het sjoemelen met de waarheid. In zijn klassieker ‘Die Traumdeuting’ (1900) liet hij zien hoe informatie in onze psyche wordt getransformeerd en bij iedere halte in het systeem een verandering ondergaat. Zodanig zelfs dat het beeld en het geluid dat we aanvankelijk waarnamen, tegen de tijd dat ze herinneringen zijn geworden, radicaal veranderd zijn. We denken dat we welbewust en weloverwogen onze beslissingen kunnen nemen, maar niets is minder waar. Het onbewuste is ons de baas, en van Freud weten we hoe het onbewuste ons bewustzijn kan manipuleren, als een poppenspeler zijn marionetten. We zijn een meester in het onszelf voor de gek houden, en daardoor zijn we er uiterst bedreven in anderen voor het lapje te houden. Om goed te kunnen liegen moeten we eerst in onze eigen leugens geloven.

Maar zegt onze volkse wijsheid niet: al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt haar wel. Ik spreek de waarheid, zegt de leugenaar. Echter, ontdekken dat iemand liegt of de waarheid spreekt is toch niet zo’n eenvoudige klus. Nogmaals, Donald Trump is er president van de V.S. mee kunnen worden. En dat hij met al zijn leugens ermee weg kan komen, liet de Noorse toneelschrijver Henrik Ibsen (1828-1906) al heel goed zien toen hij zei: ‘Beroof je de gemiddelde mens van zijn levensleugen, dan ontneem je hem ook zijn geluk.’ Liever wenden we ons af en kijken we de andere kant op, totdat we uiteindelijk vergeten, en vergeten dat we vergeten hebben.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *